Dit reglement is samengesteld door de Technische Commissie.
- Onderstaande punten van het Clubrecord Reglement komen voort uit het officiële Wedstrijdreglement 2010-2011 van de Atletiekunie in Hoofdstuk 5 Wedstrijdtechnische regels in Afdeling X Records in Artikel 260 tot en met 269 (later te noemen het WR) dat grotendeels is afgeleid van de desbetreffende regels, zoals die zijn vastgesteld door de International Amateur Athletic Federation (IAAF) en zoals deze zijn verwoord in het handboek van deze federatie.
- Een clubrecord kan worden toegekend aan een onderdeel, indien het onderdeel voldoet aan de criteria zoals vermeld in Bijlage 1 van het WR, het zogenaamde Aanbevolen Wedstrijdprogramma (WR 2010-2011). Hier staan voor baan-, indoor-, weg- en veldloopwedstrijden de door de Atletiekunie aanbevolen onderdelen vastgelegd voor de diverse leeftijdsgroepen voor zowel mannen als vrouwen.
- De clubrecords van AV Haarlem worden in twee categorieën ingedeeld:
- Wedstrijden op de baan, de zogenaamde BAAN records.
- Wedstrijden op een indoor atletiekbaan of in een zaal, de zogenaamde INDOOR records.
- De clubrecords worden gesplitst in de leeftijdsgroepen volgens het WR in artikel 141. AV Haarlem houdt echter alleen clubrecords bij van senioren en junioren A, B, C en D.
- Als een record behaald wordt in een hogere leeftijdsgroep, dan wordt dit erkend voor zowel de hogere leeftijdsgroep als de eigen leeftijdsgroep.
- Een clubrecord wordt erkend als de prestatie op een officiële baan- of indooraccommodatie behaald is.
- Een clubrecord wordt erkend als er een officiële schriftelijke of digitale uitslag aanwezig is van de wedstrijd van het wedstrijdsecretariaat van de organiserende vereniging.
- Voor alle afstanden tot en met 400m wordt er een verschil gemaakt tussen de handgeklokte tijden en de elektronische tijden; boven 400m niet meer (gebaseerd op de uitgave Formules en Constanten, Atletiekunie, 9de uitgave, januari 2004).
- Op de afstanden tot en met 400 meter worden geen nieuwe handtijden meer opgenomen. Met uitzondering van de C- en D- junioren.
- Alle handtijden zijn omgezet in elektronische tijden. De handtijd staat nog wel vermeld tussen haakjes. Dit betekent dat bij alle handtijden van afstanden korter dan 400 meter 0.24 seconden is opgeteld. Bij afstanden van precies 400 m (ook de 4 x 100 m) is 0.14 seconden opgeteld. Bij afstanden langer dan 400 m wordt niets opgeteld.
- Rugwindvoordeel komt voor en dus windmeting vindt plaats bij de looponderdelen tot 200 meter en horizontale springnummers (Artikel 163 lid 8, artikel 184 lid 4 en artikel 321 lid 2).
- Voor alle records op de looponderdelen tot 200 m en op de horizontale springonderdelen mag de gemiddelde en gemeten rugwind niet meer dan + 2.0 m/s bedragen om als record aangemerkt te kunnen worden. (Artikel 260 lid 22.d en artikel 260 lid 26.b).
- De hierna genoemde onderdelen worden niet opgenomen in de lijst van clubrecords, omdat ze zelden worden beoefend (bestaande records blijven echter wel gehandhaafd):
- looponderdelen langer dan 10.000 meter
- Engelse mijl
- Zweedse estafette bij de junioren
- Olympische estafette bij de senioren.
- snelwandelonderdelen
- vijfkamp bij de heren senioren en de jongens junioren A
- tienkamp bij de dames senioren en de meisjes junioren A
- blokmeerkampen bij junioren
- indoor estafettes
- indoor 2.000 meter en 5.000 meter
- Voor jongens junioren C wordt wel de 1.000 meter toegevoegd, omdat deze in alle andere categorieën wel wordt gelopen. De 600 meter vervalt voor deze groep.
- Voor de ontbrekende clubrecords in de bestaande lijst zijn limieten gesteld. Deze zijn gebaseerd op de twintigste jaarprestatie in 2010 op het betreffende onderdeel in de betreffende categorie.
