Interview met Mette Elgersma


Mette Elgersma

Mette Elgersma, geboren in 2002 is in april 2012 lid geworden. Ze is, met ingang van het winterseizoen 2015, junior C-1. “Ik doe alleen ’s zomer aan atletiek, want ik zit ook op schaatsen. Atletiek en schaatsen gaat ’s zomers goed samen. ‘s Zomers train ik twee keer per week bij AV Haarlem op de atletiekbaan en één keer in de week bij de schaatsclub, met een hardlooptraining in de duinen. Zo’n looptraining komt bij atletiek ook goed van pas. ’s Winters heb ik bij de schaatsclub twee keer per week training. Ik vind atletiek en schaatsen allebei erg leuk, maar bij het schaatsen lukken de bochten nog steeds niet goed; dat “pootje over” is best lastig.

Ik heb vroeger ook getennist en gejudood, maar dat beviel niet zo erg. Toen ik met judo was gestopt, ben ik een paar keer met mijn zus Bente meegegaan. Bente is ook lid van AV Haarlem. Een paar kinderen kende ik van schaatsen, maar er zaten geen echte vriendinnen of vriendjes op. Ik vond die trainingen erg leuk, de mensen best aardig, en het was ook best gezellig. Daarom wilde ik graag lid worden.

De groep waar ik afgelopen zomerseizoen in zat, de junioren D, krijgen training van Jurriaan Borst. Bij de training lopen we eerst een paar opwarmrondjes, en na die rondjes doen we allemaal dezelfde oefeningen. Dat zijn oefeningen voor de lenigheid en om de spieren sterker te maken. Daarna worden we in drie kleine groepjes opgedeeld en oefenen we op een speciaal nummer, bijvoorbeeld verspringen of speerwerpen. Jurriaan legt eerst uit wat de bedoeling is en doet dingen voor. Daarna loopt hij de groepjes langs, kijkt hoe je het doet, geeft aanwijzingen en laat nog eens zien hoe het moet.

Mette Elgersma loopt aan voor polsstokhoogspringen Ik doe regelmatig mee aan wedstrijden en mijn ouders gaan dan ook mee. Vorig seizoen heb ik meegedaan aan de CD Evening Games. Dat zijn vier avonden met meerkamp-wedstrijden, hier in de regio. Er stond toen voor de meiden ook polsstokhoogspringen op het programma. Ik had dat nog nooit gedaan, maar ik vond het wel een uitdaging. Van de dertig meisjes deden er twaalf mee met polshoog, en van die twaalf haalden er maar vier de aanvangshoogte van 1m70. Ik hoorde bij die vier en mijn persoonlijk record staat nu dus op 1m70.

Om mij voor te bereiden op die CD Evening Games heb ik aan die speciale trainer bij onze club, aan Arno van Vugt gevraagd of hij mij “even” wilde leren hoe polsstokhoog werkt. Ik weet inmiddels dat je dat nummer natuurlijk niet “even” leert, daar gaan heel veel trainingsuren in zitten, maar als het lukt om zo’n sprong goed uit te voeren, dan krijg je er wel een geweldige kick van! De hoogte die ik nu heb gehaald, die 1m70, die is onlangs door de club erkend als clubrecord. Dat is een leuk begin maar ik wil wel graag hoger zien te komen. Ik heb laatst mee mogen doen met een speciale training vanwege het jubileum van KAV Holland en kreeg toen les van de houdster van het Nederlands record, Femke Pluim. Daar heb ik weer het nodige van opgestoken.

Polsstokhoogspringen vind ik dus het allerleukste nummer, maar horden en speer vind ik ook best leuk, dat zijn nu nog mijn beste nummers. Bij hoogspringen kost het mij veel moeite om ruggelings over de lat te springen. Bij hordenlopen spring je ook, maar dat doe je vooruit, dan gaat veel makkelijker dan achteruit.

Ik zit op het ECL, in de tweede klas van het gymnasium. Ik vind de meeste vakken, ook Grieks en Latijn, heel leuk, maar met talen heb ik wel de meeste moeite. Dat komt door mijn dyslexie, dat geeft problemen met het lezen en de spelling; ik haal letters makkelijk door elkaar, dat is erg lastig. Behalve sport doe ik ook wel computerspelletjes. Ik houd van gezelligheid, van kaartspelletjes, van ’s zomers kamperen op leuke campings met sporten en wateravonturen”.

Foto’s: René Ruis
Tekst: Leo van der Veer
(Oktober 2015)


Annuleren